Met emeritaat (1) Met emeritaat (1)

Per 1 juli 2023 ga ik met emeritaat, enkele jaren voordat ik de AOW-gerechtigde leeftijd bereik. Voor wie naar het hoe en waarom benieuwd is, leg ik hier uit wat mij beweegt. Een persoonlijk woord van dank en waardering volgt later, bij het afscheid 18 juni 10.00 u. in de Opgang te Radewijk en 25 juni 10.00 u. in de Höftekerk te Hardenberg.

Gebruikelijke redenen:
Gezondheid: Na twee burn-outs is m'n energie niet meer wat die geweest is. M'n nachtrust laat te wensen over en ik gebruik medicijnen voor schildklier en alvleesklier. Bij een valpartij liep ik een hersenkneuzing op en tinnitus.
Werk: Voorgaan in de dienst vond ik het mooiste onderdeel van m'n werk, maar de voorbereiding van de preek is het zware werk gebleven dat het vanaf dag één was: meer transpiratie dan inspiratie. De inhoud van het werk is te eenzijdig geworden: heel veel uitvaarten; bijna geen doopdiensten en zelden of nooit een trouwdienst.
Vrijheid: Er is meer in het leven dan werken. Samen met Noortje wil ik meer tijd hebben voor onze kinderen en kleinkinderen. Natuurlijk ook voor een paar hobbies en vooral theologie: nadenken over geloof, bijbel, kerk, onze samenleving en cultuur. In het verleden kwam ik daar niet zoveel aan toe als ik wel wilde. 
Maar als dit het hele verhaal was, zou ik ook parttime kunnen gaan werken. Er is meer.

Gebrek aan succes / zegen
U sprak geregeld waardering uit voor de diensten die ik leidde op zon- en feestdagen en bij uitvaarten, en ook wel voor andere werkzaamheden. Dat was bemoedigend. Ik maakte daaruit op, dat we in het geloof op dezelfde golflengte zitten. Toch gingen we in Hardenberg Centrum van twee hervormde + twee gereformeerde diensten naar één gezamenlijke op zondagmorgen, matig bezocht, en het aantal bezoekers daalt nog steeds.
Hoe ik ook m'n best deed op zon- en feestdagen en bij de talloze uitvaarten, ik wist het tij niet te keren. Ik zie er tegenop nog jaren voor te moeten gaan in steeds legere kerken. Ik wil niet doorgaan tot mijn enthousiasme voor kerk en geloof helemaal op is.

Wat wil de Heer?
Ik weet wel, dat op veel meer plaatsen de kerk wind tegen heeft, maar dat maakt het niet minder problematisch. Wat wil de Heer toch met zijn kerk?

  1. Is Hij wel tevreden met de tendens van de laatste 25 jaar: een geleidelijke glijvlucht naar een gemeente kleiner en grijzer?
  2. Wil Hij onze gemeente juist laten groeien en bloeien?
  3. Wil Hij onze gemeente nog dieper in de crisis brengen? Griezelige gedachte, maar niet onvoorstelbaar. Ooit ontnam Hij het volk Israël de tempel, Jeruzalem en het beloofde land. Pas in Babel werd het dieptepunt bereikt. Daarna begon een nieuwe toekomst voor zijn volk. Want de Heer laat gelukkig niet varen het werk dat Zijn hand begon.

Om je werk als predikant geloofwaardig te kunnen doen, moet je op deze vragen wel een antwoord hebben. Ik vond dat heel moeilijk. Na veel wikken en wegen meen ik, dat het antwoord niet (1) is. Misschien wel (2) of zelfs (3). Dan kan ik niet anders dan ermee ophouden en plaats maken voor iemand die de Heer wel kan gebruiken: een enthousiasmerende kerkopbouwer als Luther (bij 2) of een kritische profeet als ooit Jeremia die zijn volk de wacht aan durfde te zeggen (bij 3). Mij ontbreekt de gedrevenheid van de één en het lef van de ander, en dat valt met een cursus verplichte nascholing niet te verhelpen.

Zorgwekkend
Er gebeuren mooie dingen in onze gemeente en de saamhorigheid is een compliment waard, evenals de inzet van de vele vrijwilligers in de wijkteams, kerkenraden en andere geledingen. Maar zorgelijk vind ik de lage opkomst bij kerkdiensten: zijn het er nog 1500 (in de kerk en bij de buis) van de 7000 op een zondagmorgen? De animo voor het programma van Zin-in, jeugdclubs en catechisatie is evenmin groot. Het kost steeds meer moeite om voldoende vrijwilligers voor kerkenraden, colleges, wijkteams en werkgroepen te vinden. Bij een bedrijf met zulke resultaten zou direct paniek uitbreken omdat de beurswaarde dreigt te verdampen.

Oorzaken
Vaak wordt dan gezegd dat het van de welvaart komt of dat het aan het uitgaansleven ligt, en aan meer jaren naar school (we weten zoveel meer dan vroeger) enz. Dat zal meespelen, maar de echte oorzaken moeten we naar mijn mening in onszelf zoeken. Dan denk ik aan:

  • vrijblijvendheid - gemakzucht : 'we' (niet iedereen, maar gemiddeld) willen liever geen verplichtingen.
  • onbekendheid: 'we' zijn onvoldoende bekend - met hoofd en hart - van de belangrijkste geloofsprincipes.
  • bescheidenheid: 'we' willen niet opvallen door iets van je geloof te laten zien of horen; doe maar gewoon.
  • verlegenheid: is er wel zoiets als een God? Wie of wat bedoelen we eigenlijk met dat woordje?

Aan de omstandigheden (welvaart enz) kunnen we niets doen en dat hoeft ook niet, want daar ligt het niet aan. Het probleem zit in onszelf en daar kunnen we gelukkig wel wat aan doen. We kunnen onszelf veranderen door terug te gaan naar het evangelie van Jezus. De kerk overleefde vaker een moeilijke tijd door op de bijbel terug te grijpen. In 'terug naar de bron' ligt volgens mij de toekomst voor onze kerk.
Dat 'herbronnen' heb ik ook voor mezelf nodig. Als emeritus kan ik daar straks veel meer tijd voor vrij maken. Ik hoop, dat het niet alleen voor mezelf wat oplevert, maar dat ik daar bv via deze site of een leerhuis ook anderen mee van dienst ben.

Loyaliteit
Ondertussen zet onze gemeente koers richting stadskerk. Daar hoort ook wel iets van herbronning bij, maar in de voorstellen zie ik vooral heel veel andere dingen. Ik ben dan ook bang, dat dit niet de weg is om uit de crisis te komen, hoezeer ik die keus ook respecteer.
Nu moest ik wel vaker meewerken aan dingen, waar ik niet 100% achter stond. Dat is eigen aan een grote organisatie, dan kun je niet verwachten dat je altijd je zin krijgt. Maar dan stelde ik me altijd loyaal op: er is denk ik geen predikant in onze gemeente die aan zoveel herindelingen van wijkgemeentes heeft meegewerkt. Over de stadskerk echter kan ik maar niet enthousiast worden, terwijl dat wel nodig is om u mee te krijgen en er een succes van te maken. Het lijkt me dan wel zo eerlijk dat ik een stap opzij zet voor een opvolger die daar wel van harte zijn schouders onder zet.

Stoppen
Stoppen met werk betekent voor mij: niet meer voorgaan op zon- en feestdagen of bij uitvaarten en geen pastorale bezoeken meer. Als emeritus is het evenmin gepast om taken in een kerkenraad of college te vervullen, omdat hij dan meebeslist over oud-collega's. Een bijdrage in het leerhuis zie ik mezelf nog wel doen. Met emeritaat gaan betekent niet stoppen met lid zijn van de gemeente of deelnemen aan de kerkdienst. De gemeente van Christus gaat mij nog net zo aan het hart als voorheen. Ik vrees dat er moeilijke jaren komen, maar ik hoop en bid dat we via stadskerk of een andere route de weg omhoog weten te vinden.

met een hartelijke groet
ds. de Lange

Afscheidspreek: Hnd 4: 5 - 14
Collega Wim van der Wel schreef een boeiende reactie op zijn blog onder de titel vliegeren met windkracht twee
Ik zet het gesprek voort met een bijdrage getiteld 'zelf wind maken'
Uiteenlopende reacties vindt u hier en hier. Tenslotte: na één jaar.

Aanvulling (8-7-2024) Bijval uit onverdachte hoek: Zijlstra schrijft:  'Zou het kunnen zijn dat de positie van de kerk in onze tijd veel weg heeft van de positie van Israël in de tijd van de grote profeten?  Als dat zo is, zou 'geloven' in onze tijd betekenen dat wij door het oordeel heen gaan en toch blijven vertrouwen dat God ons door het oordeel heen genadig zal zijn. (In: Op zoek naar een nieuwe horizon, p. 375.)
 

terug