Uitleggen Uitleggen
Het is goed om bij de studie van de bijbel te onderscheiden tussen uitleggen, verklaren en toepassen. De theorie over uitleggen, verklaren en toepassen heet hermeneutiek (Grieks voor uitleggen, vertalen)


Uitleggen (exegese in strikte zin)
In een tekst komen we vaak woorden en uitdrukkingen tegen, die we niet direct begrijpen. Bv Joh 14: 3 zegt Jezus: 'in het huis van mijn Vader zijn vele woningen...' Bedoelt hij de hemel, of wat anders? Binnen Joh komt de uitdrukking 'huis van mijn Vader' nog een keer voor, Joh 2: 16 bij de zgn. tempelreiniging. Daar is direct duidelijk dat 'huis van mijn Vader' niet hemel betekent, maar tempel. Het ligt voor de hand dan ook bij Joh 14: 3 aan de tempel te denken. Dat levert een zinvolle uitleg op > bijbelstudie.

Bij het uitleggen van een tekst komen alle mogelijke hulpmiddelen van pas: woordenboeken, grammatica's, atlassen, archeologische inzichten, gegevens uit de geschiedenis van Israel en het midden Oosten enz..

Die informatie pakken we erbij op het moment dat we op duistere passages stuiten. Maar in eerste instantie willen we proberen de tekst zoveel mogelijk als een in zichzelf zinvol geheel te begrijpen. De vooronderstelling daarbij is, dat de auteur een betekenisvolle tekst heeft gemaakt. Met de woorden die we daar aantreffen, heeft hij gemeend zijn boodschap over te kunnen brengen. De eerste lezers moesten het daarmee doen, en ze konden het er waarschijnlijk ook meedoen. We letten dus op de woorden, zinnen, motieven en structuren van de tekst zoals die voor ons ligt.

Het doel van de uitleg is om de tekst zoals we die in de bijbel aantreffen, te begrijpen zoals we ook een brief of een roman willen begrijpen als we die lezen. Het achterliggende doel van bijbeluitleg is natuurlijk de opbouw van het geloof. Maar wanneer je daarvoor de bijbel gebruikt, moet je eerst gewoon lezen en snappen wat er staat. Daar is de uitleg op gericht.

De uitleg maakt dus gebruik van dezelfde methoden als wanneer we een brief of roman willen lezen en begrijpen. Dit basale niveau van uitleg gaat niet per se uit van geloof. Dat betekent dat ook niet-gelovige mensen je daarbij van dienst kunnen zijn bv met hun kennis van de taal, het landschap, de gewoontes van toen enz.

 

Verklaren (exegese in ruimere zin)
Is een tekst min uitgelegd en begrepen, dan willen wetenschappers en gelovigen vaak ook weten hoe die tekst als historisch of literair produkt is te verklaren. Een bekende vraag is die naar de ontstaansgeschiedenis van de evangeliën, waarvoor na eeuwen onderzoek de Twee Bronnen Theorie als beste verklaring naar voren is gekomen. Voor de uitleg van een tekst uit de evangeliën is het niet echt nodig om daar van te weten. Maar de vergelijking van de synoptische evangeliën onderling levert soms waardevolle inzichten op. Dat geldt ook voor de vergelijking van de synoptische evangeliën met het Johannes-evangelie: de tempelreiniging bij de synoptici is een reformatie, bij Johannes gaat het om het einde van de tempel. (> Joh 2: 13-22). Dat kon je zonder vergelijking ook wel weten, maar de vergelijking laat dat veel contrastrijker zien.

Van oudsher wordt voor het verklaren gebruikt gemaakt van de zgn historisch kritische methode. Dat is eigenlijk een verzamelnaam voor een aantal letterkundige methodes:

  • Tekstkritiek : om de best mogelijke oorspronkelijke tekst vast te stellen.
  • Literaire kritiek: om schriftelijke bronnen als bv Q te achterhalen,
  • Vormkritiek: om literaire vormen als gelijkenissen, discussies, wonderverhalen vast te stellen.
  • Redaktiekritiek: om te ontdekken welke accenten de redacteur van een samengesteld geschrift (synopt evn) wilde zetten.

Met behulp van deze methodes kan een tekst verklaard worden als een literair-historisch produkt. Er zijn ook andere verklaringen mogelijk. Vanuit de sociologie kan een nieuwtestamentische tekst verklaard worden als produkt van een kleine, missionaire religieuze gemeenschap. Een psalm, spreuk, brief kan ook opgevat en verklaard worden als expressie van de cultuur, de filosofie, de economie van een land, de psychologische gesteldheid van de schrijver of de gemeente waar hij deel van uitmaakt.enz.


Toepassen of Interpreteren
Eenmaal uitgelegd en begrepen willen we iets met de tekst. Het gaat ons niet om bijbelkennis te verzamelen zodat we de bijbelkwiz kunnen winnen. We lezen de bijbel met het oog op ons geloofsleven. Door de tekst te interpreteren blijft die niet een overblijfsel uit een ver en vreemd verleden, maar wordt die relevant voor ons geloof en leven hier en nu. Te denken valt aan:
  • persoonlijk meditatief bijbellezen.
  • groepsgewijs (bv contextueel bijbellezen).
  • in het pastoraat: een verhaal uit de bijbel kan helpen woorden te vinden voor wat er bij iemand leeft aan dank of klacht of zorg. Bijbelteksten kunnen ook iets toevoegen aan en verhelderen van wat iemand vertelt. Of zelfs een heel nieuw perspectief bieden.
  • de prediking (homiletiek).
  • de geloofsleer (> biblicisme, fundamentalisme, bijbelse theologie)
  • ethische vragen (> bijbel in de ethiek)

Voor elk van deze toepassingen zijn speciale methodieken ontwikkeld. Belangrijk: de verbinding met het geloof en leven van mezelf of anderen dat opgebouwd, versterkt, gecorrigeerd moet worden.
 

Zijdelingse vragen
Het omgekeerde is ook mogelijk: de bijbelteksten als bron gebruiken om te proberen een biografie van Jezus of Paulus, een geschiedenis van de jonge kerk of de ontwikkeling van de verhouding Jodendom - kerk te achterhalen. Dan ben je dus niet meer met uitleggen of verklaren van de bijbel bezig.
 

Te kwader trouw
We gaan uit van de betrouwbaarheid van wat er in de bijbel geschreven staat. Dat uitgangspunt is niet vanzelfsprekend meer. Het virus van de argwaan heeft ook in de bijbelstudie toegeslagen. Reimarus, Brandon en anderen proberen aan te tonen dat Jezus de leider was van een revolutionaire beweging. Om dat aannemelijk te maken, moeten ze wel heel veel inlezen in de spaarzame gegevens die zich daar enigszins voor lenen. En ook nog eens aannemen dat het vele dat op revolutie, geweld enz. zou wijzen, allemaal is weggewerkt door de evangelisten.
Ze doen dus een beroep op wat er niet staat. Maar hoe kun je nu weten wat er niet (meer) staat? Dat is onmogelijk. Dit is een zeer bedenkelijke manier van bijbeluitleg omdat je dan alle kanten met Jezus (of welke bijbeltekst dan ook) op kunt. Bv dat hij een amoureuze relatie met Maria Magdalena had (Dan Brown, Davinci Code). Of een homosexuele relatie met Johannes (B. Shore Goss). Of dat hij een Ariër was (Nazi-theologen). Of als we toch op die toer gaan: dat hij al vòòr Albert Einstein de relativiteitstheorie had bewezen.
 

terug