Gebroken relaties

[36-37] Dit zeggen de mensen over Jeruzalem: ‘De stad werd getroffen door oorlog, hongersnood en vreselijke ziektes, en veroverd door de koning van Babylonië.’ Maar dit zeg ik, de Heer, de God van Israël: Dat heb ik gedaan. Ik heb de inwoners van Jeruzalem verjaagd naar alle landen van de wereld. Want ik was ontzettend kwaad op hen. Maar ik ga hen ook terughalen! Ik breng ze terug naar Jeruzalem en ik laat ze daar in vrede wonen. [38] Zij zullen mijn volk zijn, en ik zal hun God zijn. [39] Dan willen zij niets anders dan mij dienen. Dan doen ze altijd wat ik wil. Dan zal het goed gaan met hen en met hun kinderen. [40-41] Ik beloof dat ik hen nooit meer in de steek laat. Ik zal ervoor zorgen dat het goed met hen gaat. En dat ze mij met heel hun hart dienen, zodat ze nooit meer bij me weggaan. Ik zorg er weer met vreugde voor dat ze gelukkig zijn. Ik zal hen voor altijd in hun land laten wonen. Dat is mijn belofte aan hen, voor eeuwig. [42] Mijn volk, luister. Ik, de Heer, heb jullie gestraft met verschrikkelijke rampen. Maar nu zal het goede komen dat ik beloofd heb. [43] Jullie zeggen over dit land: ‘Het is een woestijn, waar geen mens of dier woont. De Babyloniërs hebben er de macht.’ Maar ik zeg: Er zullen in dit land weer akkers gekocht worden. [44] Mensen zullen weer akkers kopen en ervoor betalen. Alles zal weer normaal geregeld worden. Afspraken zullen weer opgeschreven worden en geldig zijn. Zo zal het gaan in het hele land: in het gebied Benjamin, in het gebied rond Jeruzalem, in alle steden van Juda, in het bergland en het heuvelland, en in de Negev-woestijn. Want ik, de Heer, zeg: Ik zorg ervoor dat het weer goed met jullie gaat.’

De woorden in dit tekstgedeelte doen denken aan de verbondssluiting tussen God en Israël, waar je in Exodus en Duuteronomium over leest. Dat verbond was de basis van het bestaan van het volk Israël. God had hen bevrijd uit Egypte en hen tot zijn eigen volk gemaakt. Het verbond had twee kanten: God zou voor de Israëlieten zorgen, en de Israëlieten zouden Gods weg gaan door zich te houden aan zijn leefregels. Maar Israël deed allemaal dingen die God niet wilde. Daarom wordt Jeruzalem veroverd. Maar God belooft een nieuwe tijd, waardoor mensen God met hun hart zullen dienen en zij in vrede zullen wonen.

Heb jij ervaring met gebroken beloftes? Wat is volgens jou nodig om toch weer samen verder te kunnen?

 lees verder